Dit themanummer van CDV verkent de complexe, vaak paradoxale rol van religie in de hedendaagse politiek. Terwijl liberale stemmen religie naar de privésfeer willen terugdringen, laten meerdere bijdragen zien hoe morele verwachtingen juist daardoor op de politiek worden geprojecteerd – met polarisatie als gevolg. Analyses van onder meer het Kamerdebat over de Amerikaanse aanval op Iran en Paul Frissens De neutrale staat tonen hoe zowel radicaal-links als radicaal-rechts vervallen in moreel absolutisme en intolerantie, waardoor een gezond pluralisme onder druk komt te staan.
Tegen deze achtergrond onderzoekt het nummer hoe de christendemocratie zich kan positioneren. Het CDA is geen geloofspartij, maar een waardengemeenschap waarin christelijke, islamitische en niet‑religieuze leden elkaar vinden. Diverse auteurs benadrukken dat religie kan inspireren, maar nooit rechtstreeks kan regeren. Zodra geloof wordt ingezet om politieke eenheid af te dwingen, dreigt politieke religie – zichtbaar in Rusland en in opkomend christelijk nationalisme. De uitdaging is daarom te laveren tussen het wegdrukken van religie én het misbruiken ervan voor homogeniteit.
Het nummer laat zien dat christendemocratische politiek juist krachtig kan zijn wanneer zij inzet op gedeelde waarden, verbeeldingskracht en gemeenschapszin. Govert Buijs waarschuwt dat leegte in het publieke domein altijd wordt gevuld – als het niet door goede ideeën gebeurt, dan door slechte. Tegelijkertijd tonen bijdragen van onder anderen Tijs van den Brink en Remco van Dooren hoe het CDA, wanneer het trouw blijft aan zijn waarden en inzet op verbinding, maatschappelijk en electoraal weerklank vindt.
Daarnaast bevat het nummer een scherp debat over het sociale gezicht van het CDA en een analyse van de zoektocht naar een middenweg tussen technocratie en populisme in de economische politiek. Zo biedt dit themanummer een rijk palet aan inzichten voor iedereen die zoekt naar een bezielde, pluriforme en realistische politiek.


